10/10/2006

Yves Desmet slaat spijkers met koppen

Bijdrage door Yves Desmet bij de nationale viering '40 Jaar 11.11.11' op zaterdag 23 september 2006.

Beste feestvierders,

Laat me beginnen met een citaat van aartsbisschop Desmond Tutu. Hij zei ooit het volgende: “Toen de blanke missionarissen naar Afrika kwamen hadden zij de Bijbel, en wij het land. Ze zegden : Laat ons bidden. We sloten onze ogen. Toen we ze weer openden hadden wij de bijbel en hadden zij het land.desmet_80

Toen is de miserie begonnen. En u zit er vandaag nog altijd mee. U bent hier om elkaar te feliciteren, en dat is een goede en gewaardeerde traditie in dit land. Doet u dus vooral rustig verder. Ik ben hier dan weer om u tegen de haren in te strijken. Daar worden politieke commentaarschrijvers nu eenmaal voor betaald. Alhoewel, vandaag niet.

Maar goed, ik ben hier om u even te doen stilstaan bij die simpele vraag: waar zijn we nu in godsnaam veertig jaar mee bezig geweest? Ja... Met wat?

Ontwikkelingshulp, heeft een geleerd iemand wiens naam me nu even niet te binnen wil schieten, ooit geschreven, ontwikkelingshulp is een systeem waarbij het geld van de arme mensen in de rijke landen wordt overgemaakt aan de rijke mensen in de arme landen. Als dat klopt, en in nogal wat gevallen is dat zo, zou dat voor u reden moeten zijn tot een behoorlijke bezinning: met wat zijn we eigenlijk bezig?

Is deze planeet de afgelopen veertig jaar een beetje rechtvaardiger geworden, is de kloof tussen Zuid en Noord ook maar een beetje gedicht? Laten we eerlijk zijn: als dat zo is, dan toch op een manier die je ook met een betere microscoop nauwelijks kan waarnemen. Sterker, in een steeds meer geglobaliseerde wereld, is er voorlopig maar één grote macht die het meer en meer voor het zeggen krijgt: die van het grote geld, dat met een muisklik binnen de seconde dat plekje op de wereld zoekt waar het nog meer geld te verdienen valt. En dat vervolgens ook schaamteloos doet, zonder veel rekening te houden met sociale rechten, milieu, of andere ethische principes.

Vakbonden, NGO’s en andere mensen van goede wil doen wat ze kunnen om daar een beetje tegengewicht te vormen, maar laten we eerlijk zijn, het wil vooralsnog niet lukken. De kloof groeit, de ene acute crisis volgt de andere op, en ook structureel verandert er bijzonder weinig aan al de mechanismen die het Zuiden in een vrij uitzichtloze positie houden.

Binnenkort staat u er weer, op de parking van mijn favoriete grootwarenhuis, en verkoopt u me wat ansichtkaarten of andere nutteloze zaken. En gelooft u mij, ik zal, zoals ieder jaar, gul een bijdrage in uw busje stoppen. Om vervolgens binnen te stappen in een supermarkt waar ik haast geen producten uit het zuiden vindt, omdat ze door ons protectionisme daar buiten gehouden worden.

Meer dan zestig procent van het Europese budget wordt vandaag in de Europese landbouw gestopt, waardoor kunstmatig een sector in leven gehouden wordt die anders door de principes van de vrije markt al lang zou uitgestorven zijn. De Europese Unie stopt meer in de subsidies van Europese tabaksteelt dan in anti-rookprogramma’s. Meer in de graanvelden van Noord-Frankrijk dan in haar volledige ontwikkelingshulp. Schaf die subsidies af, en mijn hele grootwarenhuis zal zich vullen met producten uit het Zuiden, en ik zal iedere week een veel forsere som gegeven hebben aan de boeren in het Zuiden dan dat ik dat nu, één keer per jaar, met veel plichtsbesef aan u geef.

Schaf die subsidies af, en het zal structureel waarschijnlijk meer veranderen dan veertig jaar ontwikkelingssamenwerking.

Kortom, wat u doet, is een druppel op de hete plaat, verandert niets aan de systemen die de onrechtvaardigheid in stand houden, biedt geen enkel antwoord op een situatie die van jaar tot jaar dreigt te verergeren.

Voilà, als het beetje meezit, moet ik nu uw feeststemming hebben kunnen omvormen tot een acute depressie.

Maar voor u de zakdoeken laat rondgaan, wil ik u toch nog eerst een verhaal vertellen. Niet erg actueel, want het speelt in Griekse oudheid. Toen werd er een man, Sisyphus genaamd, door de goden op een onnoemelijke wrede manier gestraft. In het hiernamaals moest hij een loodzware steen omhoogduwen tegen een helling. De goden maakten de steen in de loop van die helling echter steeds zwaarder, zodat Sysiphus hem vlak voor de top niet meer kon houden, en de steen terug naar beneden rolde.

En daarna begon het opnieuw, en opnieuw. Het was een bijzonder wrede straf, een oefening in ultieme zinloosheid. Maar in tegenstelling tot wat de goden gehoopt hadden, werd Sysiphus niet gek of waanzinnig. Integendeel, hij werd gelukkig. Omdat hij besefte dat de zin van zijn inspanning niet lag in het bereiken van de top, maar wel in de poging om die top te bereiken. Dat de zin van iets niet valt af te meten aan het uiteindelijke resultaat, maar wel in de inspanning die ervoor geleverd wordt.

Wel, voor mij bent u, al die duizenden vrijwilligers die al vier decennia de baan opgaan, de erfgenamen van Sysiphus. Al veertig jaar rolt u de steen de helling op, zonder dat de top zelfs maar in zicht komt, zelfs al wordt de steen zwaarder. Omdat ook u beseft dat niet de top belangrijk, maar wel de poging om er te geraken.

Veertig jaar bent u bezig, en u hebt geld opgehaald in massale hoeveelheden. En nee, daarmee hebt u de wereld niet veranderd, maar u hebt wel een wezenlijk verschil kunnen uitmaken in het leven van honderdduizenden in het Zuiden, die dankzij uw inspanning wel een leven hebben kunnen opbouwen dat die naam verdient.

U hebt al veertig jaar lang de inwoners van het rijke bejaardentehuis van de wereld, beter gekend als Europa, een spiegel voorgehouden.

Hen doen beseffen dat hun welvaart en rijkdom niet vanzelfsprekend is, maar gebaseerd op een systeem dat ten koste gaat van andere mensen. U hebt ze doen begrijpen waarom tienduizenden vandaag dat fort Europa willen bereiken, op gevaar van eigen leven, omdat er hen ginds geen leven wacht. U hebt ze doen beseffen dat vroeg of laat alleen een betere herverdeling van welvaart en rijkdom hun eigen gelukkige leventje zal kunnen veiligstellen.

U hebt geld verzameld voor het Zuiden, er onnoemelijk veel nuttige projecten mee opgebouwd, maar vooral bent u leraar geweest, om de bange blanke man te overtuigen dat hij alleen met herverdelen, en niet met muren en forten zijn comfortabele leven zal kunnen beschermen. U hebt mensen verder doen kijken dan hun kerktoren, ze doen beseffen dat er ook nog een wereld is.

U hebt er veertig jaar lang voor gezorgd dat beleidsmensen niet alleen bezig bleven met de problemen in hun achtertuin, maar dat ze ook verantwoordelijkheid opnamen voor de mechanismen die de wereld nog altijd opdelen in haves en have-nots.

Nee, u hebt de top niet bereikt, en ja, de steen wordt zwaarder en zwaarder.

Vandaag moet u die even laten liggen, mekaar eens goed vastpakken en feliciteren, met een hapje en een drankje.

En dan hoop ik dat u vanaf morgen, en zeker opnieuw voor veertig jaar, die steen verder de helling opduwt.

Proficiat.

The comments are closed.